'Duurzaamheid? 'Goedkoopzaamheid!''

‹ Terug naar overzicht
z Geplaatst op:

Duurzaam werken is voor Anneke Rodenburg van Tuin en Vlinder uit Deventer een tweede natuur. Ze gaat met de fiets naar haar afspraken, hergebruikt veel materialen en houdt ervan om de natuur – en met name vlinders – uitbundig te laten floreren in haar tuinen. Haar duurzame visie werd afgelopen januari op De Groene Sector Vakbeurs bekroond met de titel ‘Duurzaamste hovenier van Nederland 2018’ in de categorie ‘zonder personeel’.

Twintig jaar geleden richtte de 56-jarige Anneke Rodenburg haar eigen hoveniersbedrijf op. “Bij de start noemde ik mijn bedrijf ‘Groen Atelier Anneke Rodenburg’, omdat ik toen het idee had iets te doen met de combinatie van kunst en tuinen”, vertelt de ondernemer. “Maar zo’n acht jaar geleden heb ik mijn bedrijfsnaam veranderd. In de loop der jaren was mijn liefde en passie voor natuur en vooral vlinders dusdanig gegroeid, dat ik besloot mijn bedrijf om te dopen tot ‘Tuin en Vlinder’. Vlinders zijn voor mij een kleurrijk symbool van een tuin die het goed doet: als er veel vlinders fladderen, is dat een teken dat de tuin in balans is.”

Ook uit de slogan van haar bedrijf laat Rodenburg een voorkeur én specialisatie blijken: ‘Van speeltuin tot vlindertuin’. “Ik ontwerp veel natuurlijke speelplekken. Daar ben ik zo’n tien jaar geleden mee begonnen. Door mijn achtergrond als afgestudeerd pedagoog, heb ik op dit punt een voorsprong op andere hoveniers. Ik kijk met een andere blik naar kinderen en hoe ze spelen; dat heeft invloed op de ontwerpen die ik maak. Mijn insteek is dat kinderen al spelende met de natuur veel kunnen leren. Natuur geeft rust en stimuleert ontwikkeling en creativiteit veel meer dan spelen op speeltoestellen. Ik noem de natuur wel eens het goedkoopste speeltoestel dat er is.”

Van pedagoog tot hovenier

Tuin en VlinderOndanks een achtergrond als pedagoog kwam de switch naar de groenbranche voor Rodenburg niet onverwacht. “Ik heb altijd al wat met groen gehad en besloot na een burn-out een avondopleiding Vakbekwaam Hovenier te volgen. Natuurlijk tuinieren sprak me het meeste aan. Een eigen bedrijf is eigenlijk nooit mijn droom geweest; het is zo gegroeid. Toen mensen wisten dat ik vakbekwaam hovenier was, kreeg ik al snel vragen of ik ze wilde helpen met een tuinontwerp. Na een jaar nam dat zo’n serieuze vormen aan, dat ik besloot er dan ook helemaal voor te gaan en mijn eigen bedrijf op te zetten.”

Ecologisch hovenier

Rodenburg verdiepte zich gaandeweg steeds meer in het natuurlijk tuinieren. Zo werd ze lid van Vakgroep Wilde Weelde, de vereniging van natuurvriendelijke ondernemers in het groen. “In 2006 startte Wilde Weelde de opleiding Ecologisch Hovenier. ‘Yes’, dacht ik, echt iets voor mij. Het is een tweejarige opleiding waar ik drie dagen per week mee bezig was; een intensieve periode, maar erg leerzaam. Wat me vooral aansprak was dat de opleiding inging op natuurontwikkeling in de meest brede zin. Door deze opleiding leerde ik nadenken over vragen als: ‘Hoe kan ik een gebied aantrekkelijk maken voor vlinders, voor zoogdieren en paddenstoelen?’ en: ‘Hoe kan ik een weiland omzetten in een bloemenweide?’. Ik heb veel over natuurbeheer geleerd, wat nu erg van pas komt.”

De ondernemer geeft de natuur namelijk graag de ruimte in haar ontwerpen. “Ik ontwerp en leg bijvoorbeeld met name ecologische tuinen aan, waarbij ik zoveel mogelijk duurzame materialen gebruik en kies voor planten met een grote natuurwaarde. Daarom werk ik zoveel mogelijk met inheemse planten, die aantrekkelijk zijn voor vlinders, insecten, vogels en kleine zoogdieren. Ook zorg ik voor extra schuilplekken voor deze dieren, zoals een egelburcht of een takkenril. En zo is er ook veel te ontdekken voor kinderen. Ik merk dat steeds meer mensen bewust kiezen voor een ecologische tuin.”

Natuurlijke speelplek in opmars

Inmiddels bestaat de klantenkring van Tuin en Vlinder niet meer alleen uit particulieren, maar ook uit (semi)overheden. Rodenburg legt vandaag de dag onder meer natuurspeelplekken aan, maar ook schoolpleinen, ecologische tuinen en daktuinen. “Een heel mooi project was de Wilde Weelde Wereld; een tuin die ik – samen met collega’s van Vakgroep Wilde Weelde – in 2012 heb gerealiseerd op de Floriade in Venlo. De vakjury van VKC beloonde de inzending met een prijs: goud in de categorie ‘Tuin- en Landschapsontwerp’.”

De aanleg van natuurlijke speelplekken neemt een steeds belangrijkere plek in binnen het werk van Rodenburg; deze zijn volgens haar duidelijk in opkomst. “Veel mensen denken dat dit een speelplek is met houten speeltoestellen en kunstgras. Verre van dat! Het betekent juist spelen met zand, met takken, water, blaadjes, samen hutten bouwen. Het is een speelplek die voor een belangrijk deel uit bomen en struiken moet bestaan en waar kinderen vooral creatief bezig kunnen zijn.”

Krenterigheid

Dat Rodenburg duurzaam onderneemt, is voor haar een vanzelfsprekendheid. “Ik ga bijvoorbeeld overal met de fiets naartoe. Ook thuis zijn we als gezin veel met duurzaamheid bezig, het is een soort tweede natuur. Het is dan niet meer dan logisch dat ik dat in mijn werk ook doe.”

Toch relativeert zij haar focus op duurzaamheid. “Eigenlijk is het maar krenterigheid wat ik doe. Duurzaamheid? Ik noem het nu ‘goedkoopzaamheid’. Ik werk zoveel mogelijk met duurzaam geteelde planten. Die zijn over het algemeen sterker en weerbaarder doordat minder gewasbeschermingsmiddelen zijn gebruikt. Hierdoor heb je ook minder uitval, dat bespaart geld. Daarnaast zet ik in mijn projecten zoveel mogelijk in op hergebruik van materialen: goed voor het milieu, maar ook voor de portemonnee. In een stapelmuur worden bijvoorbeeld altijd oude stenen of steenrestanten gebruikt, die anders afgevoerd zouden worden. Maar ik gebruik bijvoorbeeld ook een oude bloempot als egelburcht.”

Samen stapelmuur bouwen

Rodenburg werkt zonder personeel, maar schakelt soms collega’s in voor het zwaardere en specialistische werk; bijvoorbeeld het aanleggen van een vijver of het bouwen van een pergola. Daarnaast betrekt zij haar klanten zoveel mogelijk bij de aanleg van een nieuwe tuin. “Dat betekent concreet dat particulieren vaak letterlijk de handen uit de mouwen steken. Als we samen de planten in de grond zetten, kan ik meteen uitleg geven: hoe je een plant moet snoeien of welke vlinders op deze plant afkomen. En als klanten zelf meehelpen, merk je ook dat ze trotser zijn op het eindresultaat. Ik zeg ook altijd: heb je een vraag, maak dan een foto en app deze door. Het is voor mij een kleine moeite om even te antwoorden. Zo houd je een band met mensen, je ziet een tuin groeien. Vaak ga ik na een tijdje nog eens langs bij projecten, om de ontwikkeling ervan te zien. Dan weet je waarvoor je het doet.”

‘Kansen blijven liggen’

Tuin en VlinderVolgens Rodenburg laten veel hoveniers nog kansen liggen om bij te dragen aan een grotere biodiversiteit. Ze vindt dat jammer. “Hoe groter de biodiversiteit, hoe beter dat is voor mens en dier. Neem bijvoorbeeld mijn eigen tuin; die is slechts 10 x 10 meter, maar er staan zeventig soorten inheemse planten in, die vlinders en bijen aantrekken. De afgelopen jaren heb ik al 25 verschillende dagvlinders in mijn tuin gehad. Ook al is het een kleine tuin, toch kun je er dat soort cadeautjes van de natuur ontvangen.”

Tuin en Vlinder werkt regelmatig samen met collega’s die ook een duurzame visie nastreven. “Het was lastig om mensen te vinden die mijn manier van werken delen, maar inmiddels heb ik de juiste bedrijven om me heen verzameld. Het groen koop ik in bij meerdere biologische kwekers. Helaas loopt de tuinsector wel nog erg achter als het gaat om het gebruik van biologische groenproducten; het is wel wat duurder in aanschaf, maar de planten zijn sterker en daardoor heb je er ook meer plezier van. Wat mij betreft zou daar meer focus op mogen liggen.”

Daphne Doemges

 

‘Ik hoop anderen te inspireren’

De jury van de ‘Duurzaamste hovenier’-verkiezing – die werd georganiseerd door het vakblad Tuin en Landschap in samenwerking met Innogreen – was volgens Rodenburg tijdens het bedrijfsbezoek erg onder de indruk van haar beperkte ecologische voetafdruk, onder meer door het feit dat ze geen auto heeft en op de fiets naar klanten gaat. “In ons woonhuis, waar mijn kantoorruimte zich bevindt, verbruiken we bijvoorbeeld erg weinig stroom en gas. Ook was de jury erg onder de indruk van de creativiteit in mijn ontwerpen voor onder meer de schoolpleinen die ik heb gerealiseerd.” De benoeming tot Duurzaamste Hovenier van Nederland in de categorie ‘zonder personeel’ was voor Rodenburg een mooie opsteker. “Door deze titel hoop ik andere hoveniers én particulieren te inspireren om ook duurzamer te gaan tuinieren. Nu ik deze prijs heb gewonnen, wil ik proberen mijn visie wat breder uit te dragen. Hoe, dat heb ik nog niet helemaal duidelijk. Maar ik denk bijvoorbeeld aan lezingen en workshops, het geven van rondleidingen en het schrijven van blogs.”