Verschuivingen in de maaimarkt zetten door

‹ Terug naar overzicht
z Geplaatst op:

De robotmaaier rukt nu echt op en verdringt zitmaaiers. Tegelijkertijd verdringt accuapparatuur gestaag de benzineversies. Er is meer vraag naar mulchapparatuur maar ook zorgvuldige afvoer van bermmaaisel krijgt steeds meer aandacht. Kortom: op de markt voor maaiapparatuur is het zeker niet saai.

De website kieskeurig.nl maakt het consumenten mogelijk apparatuur van verschillende merken met elkaar te vergelijken. Dagelijks trekt deze site 170.000 bezoekers. Door deze grote aantallen is hun zoekgedrag een goudmijn voor trendanalyses. Arjen Peeters van Makita Nederland haalt er waardevolle informatie uit. “Het gaat om consumenten – dus niet de professionals – maar je ziet in de analyses duidelijk dat de markt verandert. Mensen zoeken bij grasmaaiers opvallend vaak op mulchen en op grote maaibreedtes. Verder is er veel vraag naar robots – het prijsverschil tussen een brede maaier en een robot wordt steeds kleiner. Dat speelt zeker mee.”

Ondanks de hete zomer vorig jaar heeft Makita veel loopmaaiers verkocht, voor zowel de particuliere als de professionele markt. De vraag naar gewone zitmaaiers neemt af, terwijl die voor zero-turn- en frontmaaiers op peil blijft. “Maar de grootste verschuiving is toch de overgang naar accumaaiers”, constateert Peeters. “Het echte omschakelpunt in de belangstelling lag zo’n driekwart jaar geleden. De accu wordt steeds gewoner. Bij grote hoveniersbedrijven en groenaannemers zagen we de omslag al eerder. Zij hebben te maken met aanbestedingen waarin nul-emissie een prominente eis is. Zo wordt het van overheidswege opgelegd.”

Stiller en schoner werken

Verschuivingen maaimarkt zetten doorMaar Peeters ziet ook bij de kleinere hoveniersbedrijven en de zzp’ers een duidelijke kentering; ook zij kiezen steeds vaker voor accumaaiers. “De particuliere tuinbezitter zegt steeds vaker: ik wil ook stiller en schoner werk als je hier aan de slag gaat.” Een goed voorbeeld is de net gepresenteerde DLM460 van Makita met een maaibreedte van 46 cm. Deze lijn wordt de komende tijd uitgebreid met nog bredere machines: 51 en 53 cm. De robuuste machines hebben een koolborstelloze motor, die zich automatisch aanpast aan de weerstand die het maaimes ondervindt: meer weerstand zorgt voor een hoger toerental. In het ruigere groen domineren nog vaak de benzinemaaiers vanwege het zware werk. “Maar je ziet dat hoveniers steeds vaker kiezen voor accubosmaaiers”, geeft Peeters aan. “Die hebben als voordeel dat ze lichter zijn. De accutechnologie hebben we ontwikkeld in de bouwwereld; daar profiteert de groene sector nu van: het accuplatform 18V LXT is heel stabiel.”

De robots rukken op

De meest in het oog springende ontwikkeling op maaigebied is de opmars van de robotmaaier. Die gaat gepaard met verdringing van de zitmaaier. Voor hoveniers en groenbeheerders kan het een bedreiging zijn als particulieren en terreineigenaren de robots zelf aanschaffen. Aan de andere kant geeft het totaal nieuwe mogelijkheden voor serviceverlening.

Verschuivingen maaimarkt zetten doorFabian Storm van Husqvarna ziet dat er al hoveniersbedrijven zijn die een vloot robots aanschaffen, van een handvol tot tientallen. “Je ziet het nu vooral bij grotere bedrijven; voor hen is maaiwerk vaak bijzaak en dan is het een goede oplossing. Maar kleinere hoveniers gebruiken het juist om hun serviceniveau te verbeteren.” Storm noemt als voorbeeld een vereniging van eigenaren in België, die het groenbeheer rond hun gebouwen aanbesteedde. “Een hovenier heeft die opdracht binnengehaald, juist omdat hij onderhoud met tien Automowers aanbood. Het terrein bestaat uit borders, bomen en veel grasvelden. Zij wilden een nette uitstraling en vielen bij de inschrijving voor het aanbod van het betreffende bedrijf. De robots zijn in beheer bij de hovenier: hij zorgt voor de aansturing en het onderhoud. ’s Winters gaan ze op stal. Zo levert hij altijd perfect onderhoud.”

Sport- en golfterreinen

Grote ontwikkelingen zijn er ook bij sportvelden en golfterreinen. Een deel daarvan wordt in eigen beheer onderhouden, een deel door groenbedrijven. “Robotmaaiers geven groenbedrijven de mogelijkheid om dat terrein weer terug te pakken”, vertelt Storm. “Je ziet overal dat er personeelstekorten ontstaan. Dit is de oplossing: zeg hallo tegen je nieuwe collega, de robot. Wij hebben een demovloot van machines om mensen te overtuigen. Natuurlijk kunnen terreinbeheerders zelf de robots aanschaffen, maar dan krijgen ze alle rompslomp erbij. Je kunt als groenbedrijf met deze technologie een compleet servicepakket aanbieden: altijd een perfecte grasmat zonder zorgen.”

Bij de golfterreinen verzorgen een paar grote aannemers de helft van het onderhoud. “Er is jarenlang scepsis geweest ten opzichte van robotmaaien. Maar als je voor de beslissing staat om te investeren in een nieuwe zitmaaier van € 90.000 of een aantal robots, waarmee je vervolgens een onderhoudsman uitspaart, wordt het een heel andere economische afweging die steeds meer naar automatisch maaien overhelt”, is Storms overtuiging.

Verzorgde uitstraling

Overigens staan de ontwikkelingen bij de zitmaaiers zeker niet stil. Storm noemt de digitale displays en voortdurende verbeteringen bij allerlei specs. Door de hete droge zomer van 2018 stagneerde de verkoop wel enigszins; er werd simpelweg weinig gemaaid.

“We gaan naar een andere tijd, waarbij de hovenier een ander soort gesprek met de klant gaat voeren: ‘U wilt een verzorgde uitstraling, wij zorgen ervoor’. Met zo’n verhaal kun je de klant drie à vijf jaar binden.” De digitale ontwikkelingen geven bij alle machines nieuwe mogelijkheden. “Connectiviteit wordt steeds belangrijker; via je telefoon kun je het aantal draaiuren en de CO2-footprint uitlezen. Nu gaat dat nog met een sensor die je op de apparaten plakt, maar heel spoedig wordt elk nieuw apparaat standaard met zo’n sensor uitgerust.”

Aanleg bepaalt onderhoud

Ook Tommy Nagtegaal van Stihl geeft aan dat elke hovenier een antwoord moet hebben op de trend naar automatisch maaien. “We zien wel dat sommige mensen er bang voor zijn dat ze hun maaibeurten gaan missen. Maar dit is echt de trend; je zult meemoeten. Als je louter blijft vasthouden aan benzinemaaiers – met veel geluid en uitstoot – prijs je jezelf uit de markt.” Dat betekent nadenken over accumaaiers en robots, maar het gaat verder. “Als hovenier kom je als eerste in contact met de tuin- of terreineigenaar. Al bij het ontwerp moet je het hebben over het onderhoud. Als je automatisch wil maaien, vergt dat een bepaalde aanleg. Als je het daar meteen over hebt, kun je als hovenier naderhand gemakkelijker het beheer en het onderhoud van de robots in de hand houden. Het is een gezamenlijk belang – van eigenaar en hovenier – om het daar in een vroeg stadium over te hebben.”

Team van robots

Voor het professioneel maaien van grote sportvelden en golfterreinen heeft Stihl het iMowteam: een vloot van twee tot tien robots die gezamenlijk het terrein maaien. Mocht er eentje uitvallen, dan pakken zijn collega’s het over. “Een betere oplossing dan één heel grote robotmaaier. Vanaf 2020 komt het iMow-team op de markt”, geeft hij aan.

Het werkterrein van de robots wordt omzoomd met een draad. Zodra ze daarbuiten komen – bijvoorbeeld omdat iemand ze optilt – klinkt een alarm en krijgt de beheerder een signaal. Waarom is zo’n draad nog nodig; kan dat niet met gps? “Gps is nog niet nauwkeurig genoeg voor het fijnere werk. Het wordt wel steeds beter, maar kan ook storingsgevoelig zijn”, zegt Nagtegaal.

Voor het ruigere terrein zijn benzinemaaiers nog steeds de meest betrouwbare technologie. Maar de accuapparatuur wordt steeds beter. Een goed voorbeeld is de professionele loopmaaier RMA 765 V met een breedte van 63 cm en twee maaiers. Het apparaat kan ruw terrein aan, maar is door zijn magnesium maaidek toch erg licht. Nagtegaal: “Maaien vraagt veel vermogen omdat het materiaal nu eenmaal veel weerstand geeft. Maar de accutechniek ontwikkelt nog steeds door. Je kunt steeds meer vierkante meters maaien voor dezelfde prijs.”

Mulchen of afvoeren

Bij de maaitechnieken zijn er twee ontwikkelingen gaande, beiden ingegeven door kostenoverwegingen. Er is duidelijk meer belangstelling voor mulchen – dan hoeft het materiaal immers niet te worden afgevoerd. De keerzijde is dat er vaker gemaaid moet worden. Als er echter om economische redenen juist minder gemaaid wordt, dan moet het gras wel opgevangen en afgevoerd worden.

Nagtegaal wijst nog op een andere ontwikkeling bij het maaien. De bosmaaier wordt minder ingezet. In plaats daarvan wordt steeds vaker gemaaid met een tractor met maaiarm. Zelfs heggen worden met een maaiarm onderhouden. Hier wordt het snoeien dus vervangen door maaien.

Een speciaal punt van aandacht is het probleemonkruid Japanse duizendknoop. Het kan dijken ondermijnen of wegen en verharding aantasten. Het onkruid wordt verspreid door de mens: na het maaien kan elk stukje stengel weer tot een plant uitgroeien. Het is dus zaak het maaisel van een probleemplek volledig af te voeren. “Daarvoor heb je een optimaal vangresultaat nodig”, zegt Nagtegaal. “De stand van het mes is daarvoor belangrijk, maar ook de aerodynamische eigenschappen van het maaidek. We besteden daar veel aandacht aan. Verder zit er een vulindicator op de opvangbakken, zodat je altijd kunt zien of hij vol is. Zo heb je maximale controle.”

Verschraling

Niels van Eekelen van klepelmaaierspecialist Votex ziet steeds meer vraag naar afvoer van maaisel. “De belangrijkste reden daarvoor is de gewenste verschraling van bermen. In België is het al sinds jaar en dag verplicht om het maaisel af te voeren, maar in Nederland zie je het ook steeds meer. Wij bouwen modulaire maaiapparatuur om dat te realiseren. Via een vijzelbak aan het eind van de maaibak wordt het maaisel bijvoorbeeld getransporteerd naar een zuigwagen of een kieper met een grote ventilator om het af te voeren.” Het gros van de groenaannemers brengt het materiaal vervolgens naar de composteerder, maar er zijn ook nieuwe ontwikkelingen. “Er lopen proeven om plantsap uit het maaisel te persen. Dat zou na bewerking gebruikt kunnen worden om bij vorst gladde wegen tegen te gaan. Een alternatief voor strooizout dat vriendelijker is voor milieu en vegetatie.”

Een waterschap heeft onlangs bij Votex geïnformeerd of er technische oplossingen zijn om verspreiding van Japanse duizendknoop als gevolg van maaiwerk te voorkomen. “Als je klepelt en je zuigt het materiaal op, voer je zo’n 95 procent van het maaisel af”, zegt Van Eekelen. “Of dat voldoende is? 100 procent zal heel lastig te realiseren zijn.”

Total cost of ownership

Vorig jaar heeft Votex de Maximus-serie geïntroduceerd, de opvolger van de Jumbo. Over de hele linie is opnieuw gekeken naar het ontwerp. Nagtegaal: “De vorm van de maaikap is verbeterd evenals de geïntegreerde lagering. De ophanging is aangepast om achterlopen te voorkomen; dat vermindert de vermogensbehoefte. Verder realiseren we brandstofbesparing door te spelen met pulli’s en toerentallen. De looprol is toegankelijker gemaakt, waardoor het onderhoud gemakkelijker is. En alle machines uit de serie zijn modulair opgebouwd, zodat we voor elke situatie maatwerk kunnen leveren.”

Het nieuwste model in de modulaire serie is de R-Max. Hij kan voorzien worden van achteruitlaat, transportband of vijzel. Van Eekelen ziet als trend bij de grote aannemers dat ze meer kijken naar het totale financiële plaatje gedurende de levensduur – de total cost of ownership – en minder naar de aanschafkosten. “Hoe lang kan ik draaien? Hoeveel brandstof gebruik ik? Het gaat steeds meer om kosten per vierkante meter of per uur, en niet meer louter om de aanschafprijs.”

Nog een laatste interessante ontwikkeling bij de maaitechniek: “Klepelen wordt gezien als niet zo vriendelijk voor dieren als insecten, kikkers en padden”, vertelt Nagtegaal. “Als fabrikant worden we uitgedaagd door steeds meer ecologische eisen en vraagstukken. Daarom zijn we bezig met technieken om wel het maaisel goed af te voeren, maar het bodemleven meer te sparen.”

 Tijs Kierkels

Dit artikel is verschenen in Hoveniersvak 2 2019. Niet ontvangen? Klik dan HIER.