Waterbeheer in de tuin: ‘Nietsdoen is geen optie meer’

‹ Terug naar overzicht
z Geplaatst op:

Bij nieuwbouw zijn eigenaren van tuinen of bedrijfsterreinen in de basis verplicht het regenwater te bergen en te verwerken. Vaak moet daarvoor iets extra’s gebeuren en dat schept een heel nieuw werkveld voor hoveniers. Maar watermanagement is breder dan verplichtingen: het biedt ook kansen om tuinen, parken en groenvoorzieningen langer mooi te houden.

André Pes, salesmanager bij ACO – leverancier van opvang- en afwateringssystemen – voelt zich soms een apostel. Watermanagement leeft volgens hem namelijk nog weinig onder hoveniers, groenvoorzieners en ontwerpers. Dat houdt Pes niet tegen om enthousiast te vertellen over de noodzaak, de extra opdrachten die eruit voort kunnen komen en de mogelijkheden om de kwaliteit van het groen te verbeteren.
Nu is het nog zo dat het allemaal niet per se hoeft. Dat geeft voorlopers overigens wel kansen om zich te onderscheiden in de markt. Maar er komt een tijd dat iedereen mee moet; dat watermanagement in het (groot) groen heel gewoon is.
Er zitten veel kanten aan: aanscherpingen in de wet, veranderend klimaat, behoefte aan meer groen in stedelijk gebied, duurzaamheidseisen. Die komen hieronder allemaal aan de orde.

Stortbuien

“Vroeger was het water een zaak van gemeenten en waterschappen”, vertelt Pes. “Regenwater werd naar het riool geleid en vervolgens naar de rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi). Die zijn goed in schoonmaken en dan is verdunning met regenwater eigenlijk ongewenst. Tegelijkertijd krijgen we, door het veranderende klimaat, steeds meer stortbuien. De rioolpijpen kunnen zulke zware buien helemaal niet aan, waardoor regenwater op een andere manier verwerkt moet worden dan via het riool. Bij nieuwbouw is afkoppeling van het regenwater van het riool daarom inmiddels de standaard.”
Dat is één factor die een ander watermanagement stimuleert, niet alleen op straat, maar ook in het groen. De tweede is de Waterwet van 2008: sinds de invoering hiervan is iedere grondeigenaar ook eigenaar van het regenwater dat daarop valt. Daar moet hij dus iets mee. Dit geldt vooralsnog alleen bij nieuwbouw. “De aannemer vermenigvuldigt het aantal vierkante meters dak met het verwachte aantal millimeters neerslag en komt zo uit op de benodigde kubieke meters berging. Die vertaalt hij vervolgens in ruimte voor berging in de ondergrond. Voor nieuwbouw is er dus iets geregeld, maar vaak is dat niet genoeg als er veel verharding bijkomt. Bij bestaande woningen en bedrijfsterreinen gelden geen wettelijke verplichtingen, maar wel de wens om tot meer berging te komen.” Die maatschappelijke druk zal steeds verder toenemen, verwacht Pes. “Nietsdoen is dus geen optie meer!”
Deze ontwikkeling manifesteert zich ook in omringende landen. “In Vlaanderen krijg je zelfs geen bouwvergunning meer als je niet een oplossing voor overtollig regenwater in je plannen hebt opgenomen.”

Meer kansen voor groen

De hovenier functioneert als adviseur op dit terrein. Een adviseur met een wat lastige boodschap, althans in eerste instantie. Pes: “Hij moet vertellen: ‘Uw tuin wordt € 1.000 à € 1.500 duurder voor iets wat u niet kunt zien; waterberging onder de grond’. Dan vraag je je als hovenier snel af: wat schiet ik daar zelf mee op?”
Het antwoord is tweeledig: je lost een probleem voor de opdrachtgever op en je geeft het groen meer kansen gedurende het hele seizoen, waardoor de beeldkwaliteit stijgt.
Het punt is namelijk: niet alleen zijn de buien feller, het water kan ook moeilijker weg. Dat komt door de nog steeds toenemende verharding; bij particulieren maar ook bij bedrijven. Die komen vaak tot de conclusie dat de geplande parkeerplaats toch te krap is en dempen daarom die fraai aangelegde vijverpartij voor extra plekken voor auto’s.
“De overheid probeert een tegenwicht te bieden, bijvoorbeeld met de Operatie Steenbreek: de oproep om de bestrating open te breken”, vertelt Pes. “Maar zulke betutteling werkt in de praktijk niet. Huiseigenaren willen een groot terras, een loungeset die jaarrond blijft staan, plek om buiten te koken, een berging, een overkapping. Een buitenkamer dus. Twintig jaar geleden was een derde van de tuin verhard, nu is dat twee derde.”

Afvoeren zonder putje

De consequentie daarvan is toenemende wateroverlast: er valt meer water en het kan nergens heen. Pes geeft een rekenvoorbeeld: “Er kan wel 40 liter per vierkante meter per uur vallen. Bij 50 m2 waterdicht terras en 25 m2 overkapping moet je in je tuin per uur 75 x 40 = 3.000 liter kwijt. Dat is erg veel, en bij nieuwbouw is er geen putje. Wellicht heeft de aannemer een infiltratievoorziening aangelegd, maar die is niet berekend op zo’n hoeveelheid. Er valt gewoon te veel water.”
Aanleg van doorlatende bestrating is maar in beperkte mate een oplossing, vindt hij. “Onder die stenen is het zand aangetrild; dat kan dus heel weinig water bergen. En als het water wel vlot wegzakt, spoelt het zand weg, waardoor er verzakking optreedt.”
Niet alleen dat je iets kwijt moet is een argument voor berging in de ondergrond, maar ook dat je op deze manier dat kostbare water kunt gebruiken. “Je ziet tegenwoordig dat er beukenhagen worden aangelegd met computergestuurde druppelbevloeiing. Die is dan nodig om de haag door perioden met veel te weinig regen te helpen. Maar eigenlijk is dat gek: gemiddeld valt er best genoeg regen, alleen het is ongelijk verdeeld. Je kunt dan beter een halve meter naast die haag een infiltratievoorziening aanleggen, waar je het water van het dak en de verharding in opvangt. Dan heb je geen druppelaars meer nodig.”

Groen in de stad

Een tweede voordeel van wateropvang is een betere watervoorziening voor bomen, struiken en planten. Er wordt al jaren gezegd dat er meer kansen voor groen in de stad komen. Dat gaat echter maar met kleine stapjes en bovendien moet dat groen zich handhaven in een moeilijke omgeving. In de stad is het heet; het hitte-eilandeffect zorgt voor een temperatuur die 7 oC hoger ligt dan het omringende platteland. Dat komt enerzijds omdat al dat steen warmte absorbeert en vervolgens weer afgeeft, anderzijds omdat er relatief weinig water verdampt.
Planten zijn juist de kampioenen van de verkoelende verdamping. Ze laten de omgevingstemperatuur merkbaar dalen. Een bomenrij langs de straat maakt al een wereld van verschil. Maar dan moet er wel water aanwezig zijn om te kúnnen verdampen. “Bij bomen zou je aan één kant een infiltratievoorziening kunnen aanleggen, die het water opvangt in natte tijden, vervolgens vasthoudt en langzaam vrijgeeft aan de boom. Daardoor kan die zich beter handhaven en langer doorgaan met verdampen en dus de omgeving koeler maken.”
Een andere mogelijkheid is om een wadi te combineren met opvang in de ondergrond. De wadi loopt bij stevige buien onder en laat normaal gesproken het water langzaam naar de ondergrond wegzakken. Als een deel langer vastgehouden wordt in een systeem onder die wadi, heeft de plantengroei een voorraadje voor drogere tijden.
Aan de andere kant zijn er de droge plekken in de tuin of park: de plaatsen waar je altijd moet sproeien. “Als je daar zo’n opvangvoorziening neerlegt, op een tegel in de ondergrond zodat er aan de onderkant geen water weglekt, maak je van de droge plek juist een groeizame plaats”, aldus Pes.

Nieuwe kansen

De salesmanager is duidelijk: het bewustzijn op dit vlak moet nog duidelijk groeien onder hoveniers en groenvoorzieners. “Zowel van de problematiek zelf als van de nieuwe richtingen die je hiermee in kunt slaan. Als je de watervoorziening meer in de hand hebt, kun je op een andere manier na gaan denken over groenbeheer.”(Door: Tijs Kierkels)

Breeam-methode

Veel bedrijventerreinen in Nederland zijn verouderd en de gebouwen worden niet meer gebruikt. Dat komt omdat in het verleden te weinig rekening is gehouden met het feit dat eisen aan bedrijfsgebouwen en het omliggende terrein steeds toenemen.
Bij nieuwbouw is tegenwoordig het streven om meer toekomstgericht te bouwen. Een van de manieren om dat te bereiken is de Breeam-methode. Dat is een systeem om de duurzaamheidsprestatie van een gebouw te bepalen, zowel bij nieuwbouw als bij renovatie. Per onderdeel wordt punten gescoord. Een hoge score leidt tot een hoge waarde van het gebouw, waarmee het interessanter wordt voor ontwikkelaars en beleggers. Bovendien blijft de waarde langer op peil. Zowel onderscheidend groen rond de gebouwen als wateropvang en hergebruik leiden tot een hogere waardering 

Infiltratiesystemen

Voor natuurlijke infiltratie in de ondergrond is een doorlatende bodem en een niet al te hoge grondwaterstand nodig. Dat betekent dat 40 procent van Nederland überhaupt niet geschikt is voor infiltratie. Maar ook elders kan het op problemen stuiten, bijvoorbeeld bij veel verharding.
ACO biedt oplossingen die overtollig water naar opvangsystemen in de grond leiden. Het gaat dan om oplossingen die voor het grootste deel bestaan uit steenwol met een groot watervasthoudend vermogen. Rainbloxx bijvoorbeeld zijn platte horizontale opvangsystemen, speciaal ontwikkeld voor onder het terras of andere verharding. Via een afwateringsgoot gaat het water naar de opslag.
Een ander systeem is InfiltrationLine, een verticaal systeem dat geschikt is voor andere plekken in tuin, park of groenvoorziening. Het fungeert als buffer waar bomen, struiken en andere planten water uit kunnen halen. Wortels groeien ernaar toe en kunnen deels in het systeem doordringen. Ook de grond zelf trekt het water op den duur weer uit de opslag.
Op Youtube zijn 3D-animaties te vinden die laten zien hoe het er onder de grond uitziet. Deze animaties dienen als inspiratie voor groenvoorzieners en hoveniers en zijn een hulpmiddel om klanten te overtuigen.